New Ship Data Cards for 'Shipwreck' Wargame (Part 1)

Op www.wargamevault.com kun je niet alleen de PDF-versie van het Naval Wargame ‘Shipwreck’ kopen, maar staan ook (min of meer gratis) per geografische regio tientallen downloadable Ship Data Cards. Op die kaarten krijg je inzicht in welke bewapening een bepaald oorlogschip voert en hoe dit is in te zetten, maar kun je ook de toegebrachte schade bijhouden en heb je (subjectieve waarden) hoe goed/slecht haar radar-, EOV- en sonarsystemen ingeschat worden (van belang bij berekeningen/ aanpassingen op dobbelsteen uitslagen voor detectiekans, trefkans & schade). Enfin, voor de moderne Nederlandse vloot zijn er Ship Data Cards voor de MLM-fregatten, de GW-fregatten, de S-fregatten, de L-fegatten en voor de Belgische vloot: de Wielingen-klasse. Maar ik miste dus nog: vliegkampschip Karel Doorman (R81), de kruiser ‘de 7 Provinciën’ (C802), de onderzeebootjagers, de M-fregatten, de tanker ‘Amsterdam’ en het LPD ‘Rotterdam’; en die had ik inmiddels al wel bemachtigd en geschilderd…
Nu was vroeger mijn bijnaam ‘Woker’s Fighting Ships’ en het ‘Shipwreck’ Rulebook bevat (gelukkig!) tabellen van kanon- en raketsystemen wereldwijd. In die tabellen worden salvogrootte en afstands-banden vastgelegd. Kortom, ik zou aan de slag kunnen om die ontbrekende Ship Data Cards zelf te maken…
Tegenslag 1: het ‘Shipwreck’ rulebook is een PDF, dus ik kon de blanco Ship Data cards niet digitaal als template gebruiken om in te vullen.
Tegenslag 2: enkele Zuid-Amerikaanse landen hebben van NLD marineschepen gekocht (Argentinië, Peru), maar hun Ship Data Cards voldeden niet (ex ‘7 Provinciën’ en ex ‘Karel Doorman’ waren verder verbouwd) of die Data Cards bestonden niet (onderzeebootjagers). Deze tegenslag ontstond ook bij Spanje (geen Data Cards van de zusterschepen van de ‘Amsterdam’ en ‘Rotterdam’).





















Dus in een spreadsheet programma zelf iets ontworpen. Het was niet alleen een uitdaging om daarin een thematische afbeelding van het schip te ‘tekenen’ of een landsvlag toe te kennen (iets met lay-out), maar het bleek nog een behoorlijke zoektocht om bijvoorbeeld uit te vinden hoeveel 40 mm mitrailleurs de ‘7 Provinciën’ had overgehouden na haar verbouwing in 1964 tot geleide-wapen luchtafweerkruiser. Gelukkig had ik thuis nog een behoorlijke bibliotheek aan maritieme boeken….
Tegenslag 3: In het Shipwreck Rule Book werd (mijnsinziens) niet goed uitgelegd hoe de waardes per schip v.w.b. 'ECM', 'radar' en 'Sonar' tot stand gekomen waren. Initieel maakte ik de denkfout dat met 'radar' het radarreflecterend oppervlak van het schip bedoeld werd (omdat de 'radar'waarde werd gebruikt bij het bepalen van de detectiekans). Echter, verder nagedacht bleek 'radar' een kwaliteits-waarde van de radar aan boord. Dus een grote koopvaarder met een ouderwetse navigatieradar heeft waarde '-2', maar een modern oorlogschip met meerdere moderne radarsystemen (waaronder phased array techniek) heeft '+2'.
Enfin, de Nederlandse vloot is nu geactualiseerd (zie onderstaande fotoshots).




De komende dagen mij maar eens storten op de Ship Data Cards van de ‘bad guys’: Joegoslavische en Venezuelaanse eenheden. Van de meeste van die eenheden kun je niet zomaar miniaturen kopen, maar het Koni-fregat wordt fysiek voorgesteld door een Russische Mirka-korvet en voor de Venezuelaanse eenheden gebruik ik een Italiaans Lupo-fregat (makkelijk!), Argentijnse patrouilleboten (want dat maakt de Engelse fabrikant uiteraard wel) en Amerikaanse LST’s uit WO 2 (die de Venezuleaanse marine ooit gehad heeft). Dat de miniaturen niet 100% lijken is niet zo erg, maar de data moet zoveel mogelijk kloppen!       

Battle Report 'Java Zee' (1942) (VaS)

Waar: Als beginnend Naval Wargamer werd ik uitgenodigd door een lid van de Amsterdam6Shooters wargame groep. De wargame vond bij hem thuis plaats in Noord-Holland, op de eettafel. In totaal waren er 3 leden van de Amsterdam6Shooters aanwezig (Marc, Robert en Rogier); ik was nog geen lid… De Japanse Keizerlijke vloot werd toevertrouwd aan de 2 wargame groepleden Robert en Rogier; gastheer Marc en ik hadden het bevel over de gezamenlijke westerse vloot.


Hoe: Er werd gebruik gemaakt van de naval wargame rules van ‘Victory at Sea’ (VaS). Die mij onbekende rules had ik in de aanloop van het spel vooraf bestudeerd. Een van de deelnemers had een 4x6 voets speelmat (met zee print) meegenomen, evenals 1:3000 scheepsminiaturen van de te gebruiken schepen. Fabrikant ‘NAVWAR’ voor de Westerse eenheden; (Japanse)fabrikant ‘Fujimi’ voor de Japanse vloot.

De slag in de Javazee is een van de scenario’s uit het VaS Rulebook, met extra scheepsdata van de Nederlandse eenheden en specifieke aanvangsposities van alle deelnemende eenheden. Die aanvangspositie zijn historisch juist. Het spel is echter geen simulatie van de daadwerkelijk uitgevochten zeeslag, want door eigen keuzes en het lot van de dobbelsteen kon het natuurlijk anders aflopen….of tenminste, dat dacht ik bij aanvang van het spel.

Het Westerse smaldeel van de gelegenheidscoalitie ‘ABDA’ (American, British, Dutch, Australian) voer onder Nederlandse leiding (admiraal Karel Doorman) ten noorden van Java op zoek naar de Japanse invasievloot. Die vloot moest vernietigd worden of toch tenminste vertraagd. ABDA had de beschikking over 2 zware kruisers, 3 lichte kruisers en 3 divisies destroyers (totaal 9 stuks). De schepen waren gebouwd tussen 1914 en 1928. De Japanners hadden ter beveiliging van de invasievloot de beschikking over 2 (gemoderniseerde) zware kruisers (5th Fleet), 2 lichte oudere kruisers (die elk een destroyer squadron aanvoerden) en 14 destroyers in totaal. Omdat de Japanners beter getraind waren en behoorden tot dezelfde organisatie had de Japanse zijde tijdens deze wargame altijd het initiatief (VaS-regel bij dit scenario).  

Het spel duurde ca. 4 u. mede doordat de kennis over de toepassing van de VaS-regeltjes bij enkelen onvoldoende aanwezig was (ahum) en/of wat weggezakt was. Resultaat: veel in het VaS Rulebook bladeren. Dat wordt vast beter als we deze regels vaker gebruiken.





















Battlereport (27 feb. 1942, namiddag)

Het ABDA eskader versnelde haar opmars in noordwestelijke richting nu aan de horizon diverse Japanse oorlogschepen waargenomen werden. Direct ten noorden van het ABDA-eskader voer een Japanse destroyer squadron, maar recht vooruit (op dubbele afstand) meende men veel meer vijandelijke oorlogschepen te zien, waaronder 2 zware kruisers. Het ABDA-eskader draaide naar een noordelijk koers (bovenstaande foto), om eerst het nabijgelegen Japanse destroyer-squadron aan te pakken en wellicht de Japanse hoofdmacht te omzeilen. Want de invasievloot zou daar mogelijk achter liggen? Bij volledige verrassing bevond het front van het ABDA-eskader zich echter plots tussen tientallen torpedo’s. Twee destroyers (HMS Electra en HNLMS Witte de With) explodeerden doormidden; alleen het vlaggenschip De Ruijter kon de torpedo’s nog net ontwijken. Op wat voor grote afstand waren die torpedo’s afgevuurd? En wie had die afgevuurd? De Japanse schepen waren daarvoor toch te ver weg? De westerse kruisers openen vervolgens met hun voorste kanons op max. afstand het vuur op het Japanse destroyer squadron in het noorden. De lichte kruiser De Ruijter raakte met haar voorste drie 15 cm. kanons op maximale afstand geen doel maar de beide zware kruisers HMS Exeter en USS Houston plaatsen met hun voorste 8-inch kanonstorens (totaal 10 kanons) een 3-tal treffers op de leidende lichte kruiser Jintsu van het Japanse destroyer squadron.

Maar wederom wordt het ABDA-eskader verrast door een lange afstand torpedo-aanval: vanaf het Japanse destroyer squadron vuren zowel de lichte kruiser als de 4 destroyers ‘Long Lance’ torpedo’s af op het vlaggenschip De Ruijter en de daarom heen varende Westerse destroyers. De Ruijter wordt door 2 zware torpedo’s geraakt en zinkt onmiddelijk… HMS Exeter en USS Houston bevuren nog steeds de Japanse lichte kruiser Jintsu, waardoor deze behoorlijk wat schade oploopt… haar snelheid is daardoor afgenomen, een deel van haar kanons is uitgeschakeld.

Doordat beide vloten op elkaar invaren (waardoor de afstand verkort wordt) en het rookgordijn, gelegd door de 4 Amerikaanse destroyers, min of meer vervlogen is kunnen de beide Japanse zware kruisers (met elk tien 8-inch kanons) nu ook deelnemen aan het gevecht.

Hun 8-inch treffers leggen al gauw de Nederlandse destroyer Kortenaer in de as.. Met lange afstand torpedo’s en trefzeker kanonvuur sloopt de Japanse vloot gestaag het ABDA-eskader; ABDA beschikt nu nog over 4 kruisers en maar 6 destroyers en heeft de invasievloot nog steeds niet visueel. Besloten wordt om de westerse destroyers vooruit te sturen voor een torpedo-aanval op de Japanse zware kruisers, in de hoop dat daarmee het grootste gevaar voor ABDA dan geweken is… HMS Exeter wordt echter ernstig getroffen door diverse kanonsalvo’s van beide Japanse zware kruisers en zinkt.. Van het dichtstbijzijnde Japanse destroyer squadron is alleen de lichte kruiser Jintsu nog zichtbaar; de rest zit achter een rookgordijn. De overgebleven zware kruiser USS Houston blijft de Jintsu bevuren. De rest van het ABDA-eskader is net te ver van het strijdtoneel om met haar lichte bewapening iets te raken…

Nadat het rookgordijn vervlogen is, vuurt het Japanse destroyer squadron wederom een grote groep torpedo’s af; dit keer wordt een Britse destroyer geraakt en zinkt.. 






















Terwijl de overgebleven westerse destroyers op max. vaart de afstand proberen te verkleinen tot de Japanse hoofdmacht (voor een torpedo-aanval, zie foto boven), wordt vanuit die hoofdmacht ook een torpedo-aanval gedaan op de ABDA-kruisers. Met een vernietigend effect: de USS Houston zinkt onmiddelijk door 4 torpedotreffers en de lichte kruiser HMAS Perth zinkt uiteindelijk ook. Zij kreeg maar 1 torpedotreffer maar door alsmaar uitbreidende schade moest de bemanning het schip verlaten en zakte het schip langzaam naar de diepte.

Het bevel over het gedecimeerde ABDA-eskader was inmiddels over gegaan naar de commandant van de enig overgebleven ABDA-kruiser, de HNLMS Java. Zij voer nog het bevel over 1 Britse destroyer en 4 Amerikaanse gedateerde destroyers (uit de Eerste wereldoorlog!) en het was inmiddels nacht geworden. Tegen deze Japanse overmacht was dit uitgedunde ABDA-eskader duidelijk niet opgewassen…


Naschrift: ofschoon VaS geen simulatie is van de historische werkelijkheid, is de ‘uitkomst’ van deze naval wargame geen verrassing. De regeltjes en setting binnen VaS geven de Japanse eenheden blijkbaar voldoende ‘overwicht’ om tot (historisch) realistische uitkomsten te komen. Japanse ‘Long Lance’ torpedo’s hebben in VaS een afstandsbereik van 34 inch (afstandschaal), tegen slechts 10-12 inch voor westerse torpedo’s. En de modernisering van de Japanse zware kruisers van de Myoko-klasse eind jaren ’30 (vervanging van 6-inch kanons voor moderne 8-inch kanons en toevoegen torpedobewapening) is door het westen niet gekopieerd, waardoor de Japanse zware kruisers feitelijk ‘zwaarder’ en gevaarlijker waren dan hun westerse opponenten. Ook de Japanse destroyers waren zwaarder en beter bewapend dan hun oudere westerse opponenten. Naderhand heb ik scheepspunten ('waarde' per scheepsklasse) van beide partijen bekeken: ABDA had in totaal 1030 pnt; Japan 1850 pnt. Dat is een aanzienlijk verschil, dus de kans is groot dat bij elke poging om dit scenario te spelen de uitkomst dezelfde is?          


Scheepsmodellen 1:3000 schilderen (deel 2)

Afgelopen 2 weken heeft er een kleine ‘wapenwedloop’ plaatsgevonden tussen Nederland en de 'bad guy's'. Bijna 50 scheepsminiaturen schaal 1:3000 zijn door mij geschilderd, voorzien van een plastic base en naamplaatje.

Voor de Koninklijke Marine heb ik nu de beschikking over: een vliegkampschip, een kruiser, een Amfibisch transportschip, een tanker, 2 onderzeeboten, 3 onderzeebootjagers, 2 Geleide-wapenfregatten, 2 Luchtverdedigings fregatten, 3 standaard fregatten, 2 Van Speijk fregatten (MLM), 2 Multi-purpose fregatten.

Onze Britse bondgenoot bracht voorlopig een amfibisch transportschip (HMS Fearless) en een tanker (RFA Blue Rover) in.

De Oekraiense marine en de Bulgaarse marine brachten respectievelijk een Krivak III fregat en een Drazki-klasse fregat (vml. Wielingen-klasse uit België) in.


De 'bad guys' bestaan vooralsnog uit de voormalige Sovjet-Unie/huidige Russische Federatie en Venezuela.


Voor de USSR-vloot heb ik de beschikking over 1 vliegkampschip (Admiral Gorshkov), 1 helikopter carrier (Moskva), Sverdlov-kruiser, Kynda-kruiser, Kresta II-kruiser, Slava-kruiser, de amfibische schepen Ivan Rogov en een Ropucha, 2 SAM Kotlin-destroyers, MOD Kashin-destroyer, DON-klasse ondersteuningsvaartuig, 2 Krivak-fregatten en 3 onderzeeboten.

De Venezuelaanse marine bracht 2 fregatten (LUPO-klasse) en 2 Landing Ship Tank (LST) in.


Om de wargame scenario’s iets te verfraaien zijn er ook 4 koopvaarders, een ‘Neptune’ patrouillevliegtuig en 2 helikopters (een westerse NH-90 en een Russische Ka-25 ‘Hormone’) gemaakt.


Met deze set kan ik diverse naval wargame scenario’s uitwerken:

  1. (what iff?) 1990 Koude Oorlog: NAVO vs. USSR

  2. (what iff?) 1991: Nederlandse marine-eenheden vs Venezuleaanse amfibische dreiging tegen Curacao…

  3. (what iff?) 2022: Oekraiens graan-konvooi (beschermd door Oekraines fregat) wordt opgewacht door NAVO-fregatten van Zwarte Zee kuststaten, maar wordt belaagd door de Russische Marine (RFS ‘Moskva’, Krivak III van de FSB grenspolitie,…) 

In de nabije toekomst kan ik meer Koude Oorlog schermutselingen verzinnen, evenals: 

  1. (what iff?) 1995: NAVO vs. Joegoslavie (leidt een blokkade-breker tot een shooting war tussen NAVO-schepen en Joegoslavië?)
  2. de diverse (historische) zeeslagen tijdens de 1982 Falklands-oorlog
  3. diverse (historische) zeeslagen in de Perzische Golf (1990 etc.) 
Dus voorlopig heb ik voldoende schepen. Nu komt het er op aan om de door mij bedachte scenario's verder uit te werken (startpositie, opdrachten voor beide partijen, succescriteria, etc.) en de scheepsdata cards (waarop te zien is welke bewapening de schepen hebben en om hun damage te noteren) te vinden. Omdat ik modern Naval War Gaming doe met de Rule Set van 'Shipwreck', zijn er veel datacards voorhanden... Maar enkelen moet ik zelf maken.

Scheepsmodellen 1:3000 schilderen (deel 1)


Om de 1:3000 modellen voor het naval wargamen netjes te schilderen heb ik eerst geoefend op enkele 3-d (plastic) geprinte 1:1250 (grotere) scheepsmodellen. Dat lukte heel redelijk, dus daarna ben ik doorgestapt naar de 1:3000 maat. Ofschoon deze aanzienlijk kleiner zijn, hebben ze minder uitdagende (en uit-stekende) details.

Stap 1:
Met mijn mini vijltjes (nog overgehouden van een voortijdig beëindigde klokkenmakers hobby) kon ik mooi alle braampjes wegvijlen en ook de onderkant van de modellen ‘glad’maken, zodat ze zonder slagzij rechtop staan.

Stap 2:
In mijn loods heb ik een handmatig roteerbaar CD-kastje, waarvan ik de bovenkant bekleed heb met ribbeltjes karton (wat onder de verf mag komen). De scheepsmodelletjes zette ik haaks op de ribbels: zo blijven ze mooi rechtop, maar plakken niet met hun volledige lengte op het karton. Met een spuitbus met grijze grondverf werden ze dan bespoten (foto).


Stap 3:
Na drogen haalde ik ze dan naar binnen, waarna ze met de hand beschilderd werden. Eerst veelal lichtgrijs (romp, zijkanten en dekhuizen), vervolgens de horizontale dekken en daarna de bijzonderheden.

Stap 4:
Nu moesten de finishing details aangebracht worden. Sommige Nederlandse scheepsmodellen hebben een SH-14 ‘Lynx’ helikopter of een NH-90 helikopter op het vliegdek staan. Voor de ‘Lynx’ heb ik nog geen passende blauwe verf gekocht. Voor de grotere vliegkampschepen zou een belijning van het vliegdek (landingsbaan) nodig zijn. Hiervoor zijn plakplaatjes besteld (in de USA, maar dat bedrijf maakt ze niet voor elk relevant schip), maar ik ga ook nog onderzoeken of met een witte verfstift (puntdikte: 0,5 mm?) en een ijzeren lineaal iets mogelijk is… Dit is o.a. noodzakelijk voor de vrij grote vliegdekken van HNLMS Amsterdam (AO) en HNLMS Rotterdam (LPD).
Stap 5:
Genieten van het resultaat en/of analyseren wat je nu hebt. Indien de schepen ‘af’ zijn, kun je ze naast elkaar zetten en met elkaar vergelijken (immers, dezelfde schaal). Het leukste is dat te doen met schepen van verschillende landen die qua geografie of tijdperk elkaar nooit tegenkwamen of nooit op een gezamenlijke foto kwamen. Zo kun je HNLMS Rotterdam, HMS Fearless en de RS Ivan Rogov amfibische schepen met elkaar vergelijken qua grootte (foto).
Stap 6:
De modellen voorzien van een base & naamplaatje (wordt vervolgd)...      

Battle report 'Battle in the North Sea' (1908)

Waar: tijdens het Naval War Game Society weekendtoernooi in Yeovilton (najaar 2023). Op de zondag werd dit fictieve scenario in 1908 georganiseerd door een lid van de Naval War Game Society. Omdat ik bij dit spel niet zolang aanwezig geweest ben, heb ik een aantal essentiële details niet bemachtigd. Dit report is dus vooral een impressie, met de nadruk hoe je met pre-dreadnought schepen (dus voor de Eerste Wereldoorlog) kunt gamen. 


Hoe: Welk Rulebook gebruikt werd, heb ik niet geregistreerd. Een van de aspecten was dat afzonderlijke schepen waardepunten hadden (komt vaker voor in games). Hiermee kun je aan de hand van de waarde van de gezonken schepen bepalen welke zijde gewonnen heeft. Volgens de tafelplanning zou het gaan om 1:6000 scheepsmodellen (fabrikant onbekend). Omdat dit hele kleine miniaturen zijn, is hun naam niet voluit geschreven maar hun (kartonnen?)’base’ was voorzien van een 2-letter afkorting. Met het lijstje van deelnemende miniaturen en het herkennen van de silhouetten heb ik toch de meeste eenheden (achteraf) kunnen reconstrueren. Het is mij onbekend welke afstandsschaal gebruikt werd en welk type dobbelsteen.



Er waren meerdere tegenspelers, ondersteund door een umpire/demon-strator. 

Het scenario ging uit van een konvooi van 3 koopvaardijschepen, nabij beschermd door de Franse vloot en op afstand beschermd door de Britten, dat aangevallen werd door de Keizerlijke Duitse Marine. Alle deelnemende oorlogsschepen aan deze game stamden uit de tijd dat het eerste Dreadnought slagschip door Groot-Brittannië in recordtijd gebouwd werd (1906). Veel niet-Britse schepen raakten door deze Dreadnought-ontwikkeling plots totaal verouderd. De oorlogs-schepen vlak voor de Eerste Wereld-oorlog ontwikkelden zich snel, mede door een ongekende wapenwedloop. Het begon met de Britse Dreadnought (1906) en ontwikkelde zich tot super-dreadnoughts. Stoommachines werden stoomturbines, kolen-gestookt werd olie-gestookt (makkelijker bevoorraden, maar ook minder rook) en schepen die er uit zagen als ‘stekelvarken’ (diverse kanons gericht naar alle windstreken) werden ranke oorlogsschepen met draaibare grote geschuttorens, met gecentraliseerde vuurleiding (sinds 1913, betere trefkans).

De oorlogsschepen aan deze game waren veelal ‘pre-dreadnoughts’ met kolen-gestookte triple-expansie stoom-machines (dus geen turbines). Schepen van hetzelfde type/klasse voeren samen in squadrons of divisies. De slagschepen haalden slechts een max. snelheid van 18 kts, sommige pantserkruisers 22 kts. (dus gemiddeld 5 kts langzamer dan 10 jr. later). Een mooi voorbeeld zijn de Franse pantserkruisers met 6 (!) schoorstenen (foto). Hun bouw duurde ca. 5 jr.; in die tijd had Engeland al meerdere Dreadnoughts gebouwd…   


Battle report (zondag 1 okt. 2023):

De Franse 2e divisie (bestaande uit een 4-tal gloednieuwe pantserkruisers) zag over bakboordzijde een stel grote rookpluimen aan de horizon: kolen-gestookte Duitse oorlogsschepen die snel naderden! 

Nadat dit per radio gemeld werd aan het konvooi en de daar dichtbij varende 2 Franse slagschepen van de 1ste divisie, bepaalde de zeegaande bevelhebber een 90 graden koerswijziging van het konvooi, weg van het Duitse gevaar. 


Echter het konvooi kon niet harder dan 8 knopen varen en het geheel kwam al snel binnen vuurbereik van de Duitsers te liggen. Buiten het bereik van de Franse 7,6 inch kanons van de Edgar Quinet-klasse pantserkruisers, openen de 3 Duitse pantserkruisers van de Braunschweig-klasse (Braunschweig, Hessen en Preussen) het vuur met hun 11-inch kanons op het achterste deel van de Franse pantserkruiser formatie. 

Toen de eerste granaten rondom de FS Jules Michelet (pantserkruiser met 4 schoorstenen) in zee plonsden en de draaimanoeuvre van de Franse pantserkruisers beëindigd was, kregen de 2 Franse slagschepen ook eindelijk zicht op de vijand (enigszins bemoeilijkt door de rook van de 4 eigen pantserkruisers, die nog tussen hen en de Duitse schepen hing).
Hoe het verder afliep, zal altijd in nevelen gehuld blijven, want toen richtte ik mijn aandacht op een andere Game..


Battle report 'Sheer Madness' (1918)

Waar: tijdens het Naval War Game Society weekendtoernooi in Yeovilton (najaar 2023). Op de zaterdag werd dit fictieve scenario in 1918 (Eerste Wereldoorlog) gespeeld door ‘Boyz n’da Hood’ uit Engeland. Gary Mitchell is het prominente figuur van ‘Boyz n’da Hood’ en probeert meerdere (Naval) war games te ontwerpen. Website: https://garymitchell.co.uk/whats-the-buzz-with-gary/. Ik kreeg de indruk dat de naval wargame op zaterdag het uitproberen was van de nieuwste versie rules (of scenario), alsmede het creëren van naamsbekendheid voor dit spel. ‘Sheer Madness’ refereert naar de Duitse admiraal Scheer, opperbevelhebber van de Duitse vloot.

Hoe: Het Rulebook wordt nog bijgeschaafd. Het is heel wel mogelijk dat ‘Sheer Madness’ slechts 1 van meerdere scenario’s is waarbij deze rules gebruikt kunnen worden. 
Het rulebook gaat uit van 1:1800 scheepsmodellen (XPForge 3d geprinte miniaturen). Ik kreeg op de dag zelf echter de indruk dat de gebruikte vrij grove scheepjes ‘eigenbouw’ waren (hout?). Het is mij onbekend welke afstandsschaal gebruikt werd. Een normale 6-kantige dobbelsteen (D6) werd gebruikt.
  Er waren 2 tegenspelers, ondersteund door Gary Mitchell (umpire/ demonstrator). De Keizerlijke Duitse Marine tegen de Royal Navy. Voorjaar 1918. Het scenario veronderstelde dat de Keizerlijke marine de Home Fleet van de Britse marine naar zee zou lokken, waarna de de ‘hoofdmacht’ van de Duitse Marine deze dan zou verslaan. In feite een revanche voor de zeeslag bij Jutland (1916)?                              Omdat ik niet goed op de hoogte ben van oorlogsschepen uit de Eerste Wereldoorlog had ik wat moeite om de verschillende schepen te herkennen. De oorlogsschepen vlak voor de Eerste Wereldoorlog ontwikkelden zich snel, mede door een ongekende wapenwedloop. Het begon met de Britse Dreadnought (1906) en ontwikkelde zich tot super-dreadnoughts. Dat ging zo snel dat de Dreadnought in 1916 als ‘verouderd’ beschouwd werd. Stoommachines werden stoomturbines, kolen-gestookt werd olie-gestookt (makkelijker bevoorraden, maar ook minder rook) en schepen die er uit zagen als ‘stekelvarken’ (diverse kanons gericht naar alle windstreken) werden ranke oorlogsschepen met draaibare grote geschuttorens, met gecentraliseerde vuurleiding (sinds 1913, betere trefkans).   


Battle report (zaterdag 30 sept 2023):
Op een gure voorjaarsdag voer de verkenningsgroep van de Britse Home fleet op de Noordzee naar het oosten, op zoek naar de Keizerlijke vloot. De Britse groep bestond uit de slagkruisers vlaggenschip HMS Lion (1912), zusterschip HMS Princess Royal, HMS Invincible (1908) en zusterschip HMS Inflexibel, HMS Tiger (1914), geflankeerd door 2 kruisers van de Caroline-klasse (1914). Twintig mijl verderop bevond zich een kleinere Duitse verkenningsgroep, bestaande uit de slagkruisers Moltke (1912), Blucher (1909), Von der Tann (1911) en Seydlitz (1913). Veertig mijl daarachter bevond zich de Duitse hoofdmacht, onder leiding van de gloednieuwe slagkruiser Derfflinger (1914; foto).
Nadat de Duitse schepen in zicht kwamen, zetten de 7 Britse schepen aan tot 25 knopen en splitsten zich in 2 groepen om de 4 Duitse slagkruisers te omvatten. De Britten hadden een numeriek overwicht en ook over het algemeen zwaarder geschut (13,5-inch vs 11-inch kanons). Daarentegen waren de Britse slagkruisers lichter gepantserd…
De Duitse groep splitste zich ook: de Seydlitz draaide stuurboord uit en de 3 andere slagkruisers draaiden 20 graden naar bakboord, om meer kanons vrij schootsveld te geven. Op een afstand van ca. 14 km. werd door de Britten (zwaardere kanons) het vuur geopend. De Duitsers beantwoordden al snel het vuur en schoten nauwkeuriger, waardoor HMS Princess Royal op de linkerflank van de Britten geraakt werd door 11-inch granaten afgevuurd door de Seydlitz.
Binnen enkele minuten had HMS Princess Royal treffers op haar voorste 13,5-inch geschuttorens maar ook in haar machinekamer, waardoor haar snelheid aanzienlijk terugliep. Deze kritieke treffers werden tijdens het spel visueel gemaakt met een bruine wolk van watten.
Door het numeriek overwicht van de Britten waren HMS Tiger en HMS Inflexible in staat om de Seydlitz te beschieten. Het spervuur van 13,5-inch en 12-inch granaten trof na enige tijd regelmatig doel, waardoor de Seydlitz in brand vloog (foto) en na een munitie-explosie snel zonk.
In het daarna volgende vuurgevecht werden zowel HMS Tiger kritiek geraakt (aangegeven door bruine watten) en werd de Duitse slagkruiser Von der Tann tot zinken gebracht.
    De rechterflank van de Britten (zowel de lichte kruiser als de 3 slagkruisers hadden torpedobewapening) draaiden inmiddels iets verder stuurboord uit (foto) en voerden een gecoördineerde torpedo-aanval uit op de 2 overgebleven Duitse slagkruisers Moltke en Blucher op een afstand van 6 km. 
Dit werd echter dermate doorzichtig gedaan dat de Duitsers door heftig manoeuvreren bijna alle (vrij langzaam lopende) torpedo’s konden ontwijken (om de afstand te overbruggen werden de Mk II torpedo’s met een lagere snelheid-instelling afgevuurd: 29 knopen). Een Duitse tegenaanval met (langzame) G7 torpedo’s liep ook op niets uit; mede door het feit dat de Duitse torpedo’s uit die tijd op perslucht liepen en een behoorlijke zichtbare bellenbaan achterlieten.
Door de Duitse verliezen, draaiden beide Duitse slagkruisers af naar het oosten, in de hoop de Britse schepen mee te lokken naar de Duitse hoofdmacht. Echter, uit het afluisteren van Duits radioverkeer wisten de Britten dat de Duitse hoofdmacht ook op zee was, dus durfde de Britten niet te volgen, omdat ze (terecht) bang waren voor een valstrik.
Einde zeeslag!


 

Continued familiarization of the GQ 3.3 Rules

The aim of this fictional Naval Wargame was to try out/learn/study air-attack rules against ships and night combat. So we had a 1942 Japanes...